Soms heb je een aanleiding nodig om ‘in beweging’ te komen. In mijn geval: ‘weer eens een blog te gaan schrijven’. Al maanden wil ik iets gaan schrijven over legoblokjes, bouwstenen, variatie in zwemlessen, leren, toetsen. Ik kocht zelfs een 3 in 1 legopakket. In mijn hoofd wist ik precies waarover ik het wilde hebben en ik vertel er over in de trainingen die ik geef. Maar ik schreef niets, de legodoos bleef dicht, ik was als het ware in een winterslaap. Maar dit weekend ging ik ‘aan’. Deels door het mooie weer, maar vooral ook door een heerlijk inspirerend artikel in Volkskrant magazine. Het thema van het magazine was ‘bouwpakketten en de lol van het zelf maken’.
Jong geleerd, ouder toegepast
Het leukste artikel was een interview met Stijn Oom. Vanaf z’n derde beleeft hij al plezier aan het bouwen met legoblokjes. Uiteindelijk heeft dat ertoe geleid dat hij sinds een tijdje LEGO-ontwerper is in Denemarken. Als hij een bak lego ziet, brengt hem dat terug naar het kinderlijke gevoel dat ‘alles kan’. Legoën is voor hem als puzzelen, maar hij doet dat tegenwoordig wel op een andere manier.
Vroeger had hij een maximaal aantal stenen waarmee hij kon bouwen. Nu heeft hij dat niet, hij mag gebruiken wat hij wil. Hij moet er wel op letten dat hij niet te veel onderdelen gebruikt en dat iets wel geschikt is voor de leeftijd waarvoor hij ontwerpt. Een ontwerp moet er (nog steeds) gaaf uitzien, maar het gaat vooral ook over de (bouw)ervaring van de maker. In teams buigen ze zich bij LEGO over vragen als: ‘is het leuk om dit ontwerp te bouwen?’, ‘voelt het bouwen als ‘logisch om te doen?’ en ‘is het ontwerp stevig genoeg?’
Stijn is er trots op dat hij voor zijn ontwerpen gebruik maakt van bestaande blokjes. In zijn nieuwste creatie (Zonnebloemen, in samenwerking met het Van Gogh museum), gemaakt met 2615 bouwstenen, vind je stuurwielen van autootjes in het midden van een bloem. Maar daar had hij ook hoedjes van minipoppetjes voor kunnen gebruiken.
Blijven verbeteren
Het gaat goed met LEGO, de pakketten voor volwassenen zijn zeer populair. Het bedrijf moet wel alert blijven. Kritiek over de duurzaamheid van de stenen ligt op de loer. De plastic zakjes voor de stenen zijn inmiddels vervangen, de verpakking is verbeterd, Voor de blokjes zelf worden het komende jaar ‘stappen gezet’.
LEGO als metafoor
Zo’n artikel zorgt er bij mij voor dat ik creatief word, ik zie allemaal parallellen met het leren zwemmen, het is als het ware ‘gluren bij de buren’. LEGO wordt voor mij de metafoor.
- Legoblokjes zijn de vaardigheden die we belangrijk vinden om zwemveilig te zijn.
- Leren zwemmen is eigenlijk blokjes verzamelen.
- Zijn de blokjes aanwezig? Dan kun je er mee bouwen. Een blokje is dan eigenlijk een automatisme (fase 3 van het motorisch leerproces).
- Zijn de blokjes er (nog) niet? Dan kun je het ontwerp niet afmaken. De proef door het gat in het zeil gaat niet lukken (komt niet af) als alle afzonderlijke vaardigheden nog niet aanwezig zijn.
- Steeds hetzelfde bouwen met de beschikbare blokjes? Daar is niks aan. Het wordt pas leuk als je steeds nieuwe ontwerpen bouwt, met dezelfde blokjes. Je kunt nieuwe situaties, opdrachten en voorstellen bedenken voor de zwemles, waarin geleerde vaardigheden op een andere manier worden gebruikt.
- Heb je de meegeleverde lego-ontwerpen (3 met dezelfde blokjes) klaar? Dan (of al eerder) krijg je waarschijnlijk zin om de blokjes zélf te gebruiken om nieuwe ontwerpen te bedenken. Bereid je erop voor dat kinderen in de zwemles ook zélf met ideeën komen! Wees blij dat het gebeurt!
- Zowel kinderen als volwassenen bouwen met lego. Met dezelfde soort blokjes, maar ze maken er wel andere dingen van. Het gaat niet alleen om het resultaat, het maken moet wél leuk zijn! Bij het ontwerpen voor Lego is wat je maakt belangrijk, maar het (maak) proces is nóg belangrijker. Bij het leren zwemmen mag de focus worden verlegd naar het leren met plezier. Dan ontstaat het resultaat vanzelf. En blijf je het misschien wel je leven lang doen!
- Maatschappelijke ontwikkelingen, zoals bijvoorbeeld duurzaamheid en milieuvriendelijk zijn voor LEGO een belangrijk speerpunt om de huidige klant tevreden te houden. Voor je het weet kopen ze de blokjes niet meer. Bij het leren zwemmen hebben we te maken met stijgende zwemlesprijzen en minder draagkrachtige ouders. Een belangrijk speerpunt is om de zwemlessen niet té lang te laten duren! Anders is het helemáál niet meer te betalen. En leren steeds minder kinderen zwemmen!
Ik denk dat dat laatste punt van groot belang is voor de toekomst van de zwembadbranche. Te lang durende zwemlessen kunnen zich enorm tegen ons keren. Initiatieven over schoolzwemmen en het JeugdSportFonds zijn erg mooi, maar we moeten zelf ook kijken wat we kunnen doen om te zorgen voor effectief en efficiënt zwemonderwijs. Ik schreef daar al eens een stukje over tijdens een Inspiratiecountdown: Zwemlesversnellers.
Ik ben benieuwd naar jouw mening: hoe zie jij de toekomst? Welke zwemlesversnellers kunnen we inzetten? En hoe inspireert LEGO jou?