InspiratieCD 21: Over lego, loopmatten en wakken: toetsen vanuit de essentie
Het leuke aan de Inspiratiecountdown is dat ik iedere dag wel een reactie van iemand krijg. Via de mail, via de website of gewoon via de app. Vandaag gebeurde dat ook. Ik kreeg een berichtje van Ellen Schripsema van de NRZ met een video. Ik zet hem maar even hier in het blog. Het is een video van Facebook. Gevonden door de vriend van Ellen.
Ellen en ik moesten hier enorm om lachen. Want dit is een prachtig voorbeeld van één van de essenties van te water gaan: om kunnen gaan met desoriëntatie. De vrouw in de video heeft het er moeilijk mee, ze schrikt zich ‘te pletter’. Maar ze verstijft niet van angst, ze is héél snel in staat om uit het water te klimmen! Ze heeft vast en zeker het C-diploma gehaald.
Maatwerk Examenprogramma’s
Onder begeleiding van Ellen zit ik samen met nog twee andere leden in de ‘TME’, de Toetsingscommissie Maatwerk Examenprogramma’s (TME). Wij beoordelen of een voorstel voor een maatwerk examenprogramma voldoet aan de normen die zijn beschreven in de Examenregeling Nationale Zwemdiploma’s. Op zich is dat geen moeilijke taak, er worden niet heel veel aanvragen gedaan. En als er een aanvraag komt, dan gaat het vaak om een kleine verandering in een proef van het standaardexamenprogramma. Soms gaat een vaardigheid van de ene proef naar een andere. En soms wordt een verandering in de volgorde van de proef aangevraagd.
Daarover ben ik soms wel een beetje teleurgesteld. Een voorbeeld van een verandering in de volgorde is dat bijvoorbeeld het drijven met een hulpmiddel bij B pas ná het drijven op de rug en het wrikken staat genoteerd. Dat is organisatorisch niet altijd prettig. Het is veel fijner om eerst met het hulpmiddel te drijven. Wanneer je het diplomazwemmen ziet als het toetsen van vaardigheden an sich, zou je dit om kunnen wisselen. Maar als je denkt vanuit het doel, dus vanuit de essentie van de vaardigheden, dan is het superonlogisch om eerst te gaan drijven op een hulpmiddel en later nog gewoon, zonder hulpmiddel. In het ‘echt’ zou je dit nooit zo doen (met hulpmiddel is gemakkelijker en beter om te overleven dan zonder).
Expliciet toetsen
Het standaardprogramma, met de vijf proeven die zijn geschreven, is eigenlijk een heel expliciete manier van toetsen. Bij de laatste verandering van de examenprogramma’s was het nog niet mogelijk om de toetsing heel impliciet en toegepast voor te schrijven. Daar waren we met z’n allen nog niet aan toe. Vanuit de traditie toetsen we graag helder, overzichtelijk en voorspelbaar. Dus liever niet té veel speelse vormen nog bij het diplomazwemmen. Zelfs het werken in stationnetjes, dat gewoon is toegestaan binnen het huidige examenreglement, wordt niet vaak ingezet.
Maatwerk als toekomst
Een standaardprogramma, expliciet of impliciet is volgens mij ook niet de toekomst. Voor mij is de mogelijkheid tot maatwerk dé route om tot hernieuwde eenduidigheid in het leren zwemmen in Nederland te komen. Hoe mooi zou het zijn als alle zwemdiploma’s die er nu in Nederland zijn, kunnen passen in hetzelfde examenreglement als het Zwem-ABC. Vanuit de inhoud gedacht, is het dan nodig om dezelfde vaardigheden te toetsen. Op welke manier je die gaat toetsen is dan ‘naar eigen keuze’.
Lego als metafoor
Ik schreef dit jaar eerder een blog over het gebruik van Lego als metafoor https://propulztp.nl/wat-kunnen-we-leren-van-lego/. Die metafoor kan ik ook mooi gebruiken voor maatwerkprogramma’s. Stel je het volgende voor. Voor de standaardprogramma’s van het Zwem-ABC zijn verschillende proeven gebouwd met een speciale doos Legobouwstenen. De proeven uit het standaardprogramma zijn de meest voor de hand liggende proeven. Maar net als bij de echte Lego, kun je er ook alternatieven mee bouwen.
Dat zijn dan proeven die kunnen passen in het maatwerkprogramma. Voorwaarde is dat je álle stenen uit de doos moet gebruiken. En je moet de stenen wel functioneel inzetten. Dus een steentje dat je gebruikt voor het dak, kun je in een ander model niet gebruiken voor een deur. In de woorden van een maatwerkprogramma betekent dit dat je de essentie van een vaardigheid die je wilt toetsen (die kun je zien als legosteentje) wilt terugzien in de nieuwe proeven.
Essenties maken het echt
De essentie van ‘achterover in het water vallen’ is gedesoriënteerd te water durven te raken en je daarna kunnen heroriënteren door te gaan watertrappen en om je heen te kijken. De essentie van ‘duiken’ is dat je diep onder water kunt raken om onder water iets te kunnen doen. In het standaardprogramma is dat de proef door het gat in het zeil. Maar je kunt onder water na de duik ook iets anders gaan doen. En dan mag je in een nieuwe proef door het gat in het zeil zwemmen.
Door de mogelijkheid van maatwerk kun je het toetsen veel ‘echter’ laten zijn. Wanneer kinderen over een lange loopmat in het water rennen, vallen ze meestal ook in het water op een onverwachte manier. Hoe leuk is dat! En hoe mooi is het als kinderen dat durven! Het is ook mooi om kinderen te laten zwemmen door/in de stroomversnelling van het zwembad. Als ze dan vooruit kunnen komen, boven kunnen blijven of kunnen blijven drijven is dat helemaal geweldig! Je bootst als het ware situaties na die kinderen ook in het echt tegen kunnen komen.
Ik hoorde dat er een zwembad is die kinderen uit het water laat klimmen via een gat in een mat. En dan wil hij ze ook leren om uit dat gat te rollen (zo doe je dat ook in een echt wak). Daar word ik wel blij van. Net als van het conditiezwemmen dat op een toegepast manier wordt getoetst, bijvoorbeeld door kinderen 5 minuten te laten zwemmen. Met een doel, met materiaal, muziek, etc.
Zelf aan de slag: creatief in beweging
Ik realiseer me dat het best lastig om zelf een examenprogramma te bouwen. Het is lastig om op een andere manier naar vaardigheden en hun doelen te kijken. Daarvoor moet je een beetje brainstormen, gluren bij de buren, metaforen zoeken die een interessante vergelijking kunnen zijn. Voor een toekomst met meer impliciet leren, is dat wel een logische stap. Dat wat je doet in de les, wil je ook op een bepaalde manier toetsen. Speels en impliciet leren in de les schreeuwt om speels en impliciet toetsen. En impliciet toetsen legitimeert voor je gevoel dat je het ook in de les ‘mag’ doen (op die manier is ooit ook de ontwikkeling van het Zwem-ABC ingezet).
Oproep aan iedereen
In ons korte appgesprek vanmorgen, bedachten Ellen ik een mooi plan. Kunnen we nog meer video’s, reels of andere voorbeelden vinden om de essentie van de vaardigheden die we kinderen leren duidelijk te maken? De vriend van Ellen houdt in ieder geval facebook voor ons in de gaten. Maar misschien kunnen we dit ook met z’n allen oppakken!
Dus kom je iets tegen waarbij het gaat om de toepassing van het geleerde in de zwemles, laat het weten! Een video is mooi, maar ook een verhaal of een idee is welkom. Zet het onder dit blog, maar je mag me ook mailen, bellen, appen. Geen probleem. Ik ga verzamelen en het weer op een of andere manier delen. Ik ben ervan overtuigd dat dat weer kan helpen om het impliciet verder te implementeren in het leren zwemmen.
